Afgesloten wegen | 11 november 1926

Herenstraat.jpg

Een automobilist verwacht heden ten dage dat hij/zij altijd kan doorrijden. Dat er geen obstakels of files zijn, laat staan wegafsluitingen. Die zijn altijd onhandig, kosten veel tijd, en geven veel ergernis. Als een weg, tunnel of brug afgesloten wordt voor onderhoud, of renovatie, dan zijn de rapen gaar. Waarom nu? Waarom duurt het zo lang? Waarom is het niet goed aangegeven? Dit soort simpele vragen, maar ook veel minder beleefde opmerkingen zijn dan schering en inslag. Dat kenmerkt de moderne, gejaagde tijd, waarin ieder oponthoud als een aanslag op de eigen vrijheid wordt ervaren.
Maar 100 jaar geleden was een wegafsluiting ook al een bron van ergernis, zelfs in het rustige Voorburg. Er was een deels gehele, deels gedeeltelijke afsluiting van sommige verbindingsstraten tussen de Heerenstraat en de Parkweg. Daarbij waren de Heerenstraat en de Kerkstraat een belangrijk onderdeel van de doorgaande verbinding tussen Den Haag en Gouda. Het is nu haast niet voorstelbaar dat in beide straten tweerichtingsverkeer was toegestaan. Blijkbaar was de verkeerssituatie in november 1926 zodanig chaotisch dat de dagelijkse besturen van KNAC en ANWB een verzoek indienden om straten te verbreden en eenrichtingsverkeer te introduceren om zo een betere doorstroming mogelijk te maken. Pas 13 jaar later werd de A12 richting Gouda geopend, dat moet een enorme verbetering zijn geweest.

 (Avondpost)